Nederland

Belgie

Overige landen

Startpagina

Inleiding

Frankrijk

 Verdieping hart-toverknoop 0.1-6c Verdieping ruit 0.1-6a

D. Het maalkruis of schuinkruis

Spielerei of toch iets meer?

Kunnen we misschien toch iets meer te weten komen over het waarom van die geheimzinnige tekens in middeleeuwse bakstenen muren?

Het begon voor mij allemaal hier in Muiden bij de Grote kerk. Daar zag ik voor het eerst een Andreas-kruis gemetseld op de muur van het koor van de kerk. Met de kopse kant van bakstenen was er een patroon in afwijkende kleur zichtbaar.

Heeft deze kerk dan ooit iets met de apostel Andreas te maken gehad? Mijn interesse was gewekt. Destijds leverde een zoektocht op internet nog niet meteen iets op.

Maar gaandeweg door het land reizend trof ik er steeds meer. Alleen al in ons land zijn het er ettelijke tientallen. Hier onder zie je al wat voorbeelden, verspreid in het land op kerken, torens, kastelen, abdijen en boerderijen.



Lexmond

Muiden

Deventer

Haarlem: A’damse poort

Minnertsga

Soest

St Agatha

Hemmen

Andreas

Het maalkruis of schuinkruis is in onze cultuur overgeleverd als een Andreaskruis. Er is een verband met de apostel Andreas. Volgens de overlevering zou de apostel Andreas gekruisigd zijn op een dergelijk maalkruis.

Het was gebruikelijk in de oude kerk dat men martelaren afbeeldde met hun folterwerktuig(en). Het opvallende met betrekking tot Andreas is dat Middeleeuwse afbeeldingen met het maalkruis alleen in Noord-Europa gemaakt werden. In Italië kwam het schuinkruis pas tegen 1600 in zwang.

Kennelijk had de kerk juist in deze streken behoefte om een krachtig Germaans teken te adopteren, omdat het onuitroeibaar bleek en zich overal bevond. Mensen geloofden heilig in de kwaadwerende werking ervan. Om het voor de kerk acceptabel te maken, verzon men de legende van Andreas erbij.

Dat teken moet wel zijn: de oude Gebo-rune, een heilig en krachtig symbool bij de Germanen.


De runen zijn in een ver verleden overgekomen via handelscontacten met de Etrusken in Noord-Italie. Bij de Midden-Europese volken bleef de heiligheid van de afzonderlijke tekens wel zo groot, dat ze gerekend werden tot het domein van de priester/sjamaan, maar toch zien we ze gebruikt worden om er woorden mee te schrijven. Vergelijk het Chinese schrift, waarbij ook een teken verband houdt met een heel begrip.

Runen werden op houten staafjes gekrast en die kon de priester werpen. Vervolgens kon hij, net als bij Tarot-kaarten, er de toekomst uit aflezen. Geen wonder dat de tekens lange tijd met een heiligheid omgeven waren.

Van uit onze streken is nauwelijks origineel tekstmateriaal in runenschrift overgeleverd. In Nederland kennen we slechts 22 korte inscripties. In Skandinavie kwam het in de loop van de tijd er wel van dat de runen gebruikt werden als een schriftelijk communicatie-medium waarmee langere teksten gemaakt konden worden. Of dat hier ook in gang gezet is geweest, maar verloren is gegaan wanneer enkel hout of perkament werd gebruikt? Wie zal het zeggen. Al in de 9e eeuw begint het runenschrift verdrongen te raken door het Latijnse schrift.

Van een stuk of wat runen, waaronder dus de Gebo, werd ook in de christelijke tijd nog lang in de beschermende kracht ervan geloofd.




In de vakwerkhuizenbouw was een huis natuurlijk al om reden van stevigheid al rondom bezet met maalkruisen. Maar we kennen het schuinkruis op de stiepel tussen de Twentse niendeuren, op oude muurankers, of als zandlopermotief op luiken.

Bovendien komt het in de heraldiek voor, waaronder in het wapen van de Bourgondische vorsten of in de vlag van Schotland.

 

Dit teken tref je niet alleen aan op de oude bakstenen muren, maar vaak ook op muurankers, als bescherming tegen blikseminslag.  Het onweer werd ooit gezien als manifestatie van de god Donar.

Een duidelijke echo van de oorspronkelijke betekenis ‘bezwering van gevaar’ is nog steeds terug te vinden als gevaarsymbool voor irriterende stoffen (zie fig. links) en op diverse verkeersborden, waaronder dus ook het bord bij de spoorwegovergang of het getekende kruis op een kruispunt.


Vanaf ca 1700 komt het in de mode om in het bovenlicht boven de voordeur een snijraam aan te brengen. Dit is een houtgesneden ornament, waar het licht tussen de roeden doorvalt in de gang.

Bekijken we symbolen die toegepast worden in deze bovenlichten: in de snijramen van de 19e eeuw komen we in onze binnensteden het maalkruis weer tegen, alsof het toch nog in het onderbewuste van het volk is blijven sluimeren.

En uitgerekend juist in de tijd dat we zien dat er metseltekens op de muren werden aangebracht - we praten dan over de 16e en 17e eeuw - was er sprake van een kleine ijstijd. Extra koude winters, waar in veel honger en kou geleden werd. Veel misoogsten en kindersterfte. Het was de tijd van heksenvervolging en van de zwarte dood (de pest) die door ratten via de handelsschepen uit het Midden-Oosten naar hier werd overgebracht. Hele stadsbevolkingen stierven. Het moest het werk zijn de duivel met zijn kwade demonen.


De Gebo-rune

De Gebo-rune staat voor de G-klank en houdt verband met: geven, geschenk, offeren. Dat dit een bijzonder sterke werking had bij de bevolking zal ongetwijfeld te maken hebben gehad met de spirituele beleving, dat je de goden kon smeken om het onheil te weren. Een bede om je heil en geluk te schenken.

De mensen wisten niet waarom en hoe het onheil over je kwam: ziekten, misoogsten, branden, waanzin, dood..
Via symbolen kon je je richten op die onzichtbare machten, die daar toch verantwoordelijk voor werden geacht. (Andere manieren waren toverspreuken en rituelen). In de gemeenschap was het van ouds de priester/sjamaan die de heilige gebruiken kende en toepaste als het nodig was.   

In de Germaanse symboliek verzinnebeeldt het maalkruis, i.c. de Gebo-rune, een sterke magische kracht. Het teken bleef door mensen gebruikt worden als bescherming tegen het kwade, tegen boze geesten, demonen en onheil.


Voorstelling van kruisiging van St. Andreas

Kapelle

Runenalfabet.

Anglo-saksisch runenkistje

Sjamaan communiceert met onzichtbare wereld

Stiepelteken op niendeur in Twente

Militair schild van Bourgondische soldaat

Kruispunt te Haarlem

Spoorwegovergang

Stopverbod-bord

Lange tijd was het gebruikelijk om luiken te beschilderen met maalkruisen in een zandlopermotief.

Amsterdam: Het Singel

Amsterdam:Pr. Hendrikkade

Duits vakwerkhuis

Gevaarsymbool

Verdieping ruit 0.1-6a  Verdieping hart-toverknoop 0.1-6c

Een bijzondere tekening hebben we hiernaast: Maastrichtse vakwerkhuizen, die ooit aan de Bokstraat stonden, op een tekening van Philippe van Gulpen (gesloopt 1849).

Wat hier met name heel bijzonder is, is het maalkruisteken boven de deur, rechts van het midden, aan de voet van de stenen trap. Een dergelijk vakwerkhuis moet nog wel van voor 1600 stammen.


Muuranker met smidstekens

Oude prent van de Bokstraat te Maastricht

Achtergronden van (klik op) de tekens:

A. De Ruit

B. Hexagram

C. Vuurslag

D. Maalkruis/schuinkruis

E. Hart

F. Toverknoop

G. Donderbezem

H. Calvariekruis

I. Odalrune

Verdieping-kruis 0.1-6b #pic_1081